Mag Maastricht Maastricht niet meer zijn?

Een mooie en wat ons betreft passende reactie van Bert Garnier op het artikel in de Limburger

Mag Maastricht Maastricht niet meer zijn
Met grote verbazing heb ik het artikel in De Limburger van Xavier Comuth gelezen waarin wordt gesteld dat Maastricht bij stadsbrede evenementen te vaak terugvalt op dialect- en carnavalsmuziek en daarmee zelfs groepen inwoners zou buitensluiten. Is dit nu echte kritiek of uitlokkerij…😄. Als de auteur het laatste bedoelt vind ik dit misplaatst. Ik vind dat een bijzonder ongelukkige voorstelling van zaken, omdat hiermee naar mijn mening een beeld van Maastricht wordt neergezet waarin ik onze stad totaal niet herken.

Want mag Maastricht tegenwoordig Maastricht niet meer zijn? Mogen wij niet meer trots zijn op onze eigen taal, onze muziek, onze tradities en vooral op onze Mestreechter Geis? Die eigenheid is geen tekortkoming die we moeten corrigeren omdat Maastricht ook een internationale stad is. Integendeel, juist die eigen identiteit maakt Maastricht bijzonder en onderscheidt onze stad van andere steden.

Een Amsterdammer mag trots zijn op de Jordaan en zijn Amsterdamse volkscultuur. In Den Bosch en Tilburg koestert men eveneens de eigen tradities en het carnaval. Iedere stad heeft haar eigen geschiedenis, gebruiken, muziek en karakter. Waarom zou Maastricht zich dan bijna moeten verontschuldigen wanneer Beppie Kraft, Frans Theunisz, John Tana , Erwin, Ziesjoem of andere Maastrichtse artiesten tijdens een groot evenement op het podium staan?

Waar ik vooral moeite mee heb, is het gebruik van het woord ‘uitsluiten’. Maastricht sluit juist niemand uit. Volgens mij is dát een van de sterke kanten van onze stad. Je hoeft niet in Maastricht geboren te zijn, geen Mestreechs te spreken en al helemaal geen stamboom van tien generaties Maastrichtenaren te kunnen overleggen om mee te vieren. Iedereen die onze stad en haar cultuur een warm hart toedraagt, kan aansluiten.

Kijk alleen al naar onze Mestreechter Vastelaovend. Hoeveel mensen van boven de rivieren komen ieder jaar naar het zuiden omdat zij juist onze manier van carnaval vieren hebben ontdekt en omarmen? Zij voelen zich niet buitengesloten omdat er Mestreechs wordt gezongen. Zij proberen de liedjes te leren, trekken een pekske aan en gaan op in de sfeer van de stad. Dat is geen uitsluiting, dat is volgens mij juist een prachtig voorbeeld van hoe cultuur mensen bij elkaar kan brengen.

Hetzelfde zien we bij evenementen die Maastricht op de kaart zetten. Kijk naar Magisch Maastricht, het Preuvenemint en de De Kadefeesten. Daar lopen Maastrichtenaren, studenten, expats en bezoekers uit binnen- en buitenland door elkaar. Jong en oud ontmoeten elkaar, verschillende talen klinken naast elkaar en iedereen beleeft dezelfde stad. Het Preuvenemint is daar misschien wel een van de mooiste voorbeelden van. Een evenement dat diep geworteld is in Maastricht en tegelijkertijd bezoekers van overal verwelkomt. Is dat niet juist inclusiviteit?
Natuurlijk moet er binnen het culturele aanbod ruimte zijn voor jazz, pop, rock, klassiek, harmonieën, koren, jong talent en internationale muziek. Die diversiteit is er gelukkig ook en die moeten we blijven stimuleren. Maar inclusiviteit betekent voor mij niet dat we onze eigen cultuur minder zichtbaar moeten maken omdat niet iedereen ermee is opgegroeid. Het betekent dat we mensen uitnodigen om kennis te maken met elkaars cultuur, zonder daarvoor onze eigen wortels af te zagen.
Ook studenten en expats maken deel uit van Maastricht en zijn van harte welkom. Maar waarom zouden zij niet óók kennis mogen maken met Beppie Kraft, een harmonie die door de binnenstad trekt, Maastrichtse dialectmuziek of de tradities van onze vastelaovend? Wie voor een bepaalde periode of voor altijd in Maastricht komt wonen, komt immers niet terecht in een stad zonder geschiedenis en identiteit. Je komt terecht in een stad die al eeuwenlang invloeden van buitenaf opneemt en tegelijkertijd haar eigen karakter heeft weten te behouden.
En juist daarom stoort mij de suggestie dat onze internationale uitstraling tegenover onze Maastrichtse identiteit zou staan. Maastricht hoeft geen kopie van Amsterdam, Rotterdam, Brussel of welke internationale stad dan ook te worden. Een internationale stad kan juist aantrekkelijk zijn omdat zij een herkenbare lokale identiteit heeft.
Onze Mestreechter Geis is geen obstakel voor inclusiviteit. Zij is onderdeel van wie we zijn en iedereen mag daarvan meegenieten.
Dus programmeer vooral breed, geef nieuwe makers en andere muziekgenres een podium en betrek studenten, expats en nieuwe inwoners bij onze evenementen. Maar zet daar niet tegenover dat Maastrichtse artiesten en dialectmuziek anderen zouden uitsluiten. Dat doet geen recht aan een stad die juist groot is geworden door mensen te ontvangen en tegelijkertijd zichzelf te blijven.
Maastricht sluit niemand buiten. Maastricht nodigt mensen uit om mee te doen.
En misschien is dát wel de werkelijke Mestreechter Geis: trots zijn op waar je vandaan komt, zonder de deur voor een ander dicht te doen.
Laat Maastricht daarom vooral Maastricht blijven.

Mèt de compleminte vaan de Mestreechter Geis, de Mestreechteneer en alle artiesten.

Bert Garnier.

share:
Tweet